Van bedreigde minderheden tot dierenbeschermers 

Holocaust piraterij

In de zucht naar erkenning van slachtofferschap een inflatie gaande in het gebruik van termen als ‘genocide’ en ‘Holocaust’.

(Willem Melching is historicus aan de UvA en publiceerde recent het boek ‘Modern Duitsland’. Deze column verscheen eerder bij de Volkskrant.)

De populariteit van de staat Israël is omgekeerd evenredig aan het enthousiasme waarmee mensen en groepen zich identificeren met de Holocaust. Als slachtoffer zijn de Joden dus nog best wel populair. Blijkbaar werkt het slachtofferschap van de Joden in de jaren 1933-1945 aanstekelijk, want te pas en vooral te onpas wordt de Holocaust-metafoor ingezet als politiek drukmiddel. Dat is lang niet altijd zo geweest.

Na 1945 kreeg het lot van de Joden nauwelijks aandacht. Het verhaal over de Tweede Wereldoorlog draaide om het heroïsche verzet. De Joden die zich naar de kampen hadden laten afvoeren, vielen duidelijk niet in de categorie helden. Maar daar maakte de uitzending van de televisie-serie Holocaust in 1978-1979 radicaal een einde aan. De serie maakte de genocide bespreekbaar en al snel groeide de aandacht voor het slachtofferschap van de Europese Joden. Bovendien was vanaf dat moment het woord ‘Holocaust’ synoniem met de moord op de Europese Joden.

De Holocaust was een genocide volgens de definitie van de VN, maar niet elke genocide is een Holocaust. Daar is er maar één van. Het industriële karakter van de massamoord maakte de Holocaust uniek, niet het grote aantal doden. Maar de uniciteit van de Holocaust weerhoudt allerlei groepen er niet van om zich zelf als de ‘nieuwe Joden’ te presenteren.

Het lot van de Europese Joden was namelijk zo verpletterend dat de Holocaust het absolute ijkpunt werd voor de omgang met slachtofferschap. Wie in de buurt kan komen van het Joodse slachtofferschap kan immers op publieke belangstelling en erkenning rekenen. Wie weet is er zelfs nog een beetje Wiedergutmachung te halen.

In een wereld waarin slachtofferschap aanzienlijk hoger staat aangeschreven dan heldendom kan het geen kwaad om je eigen lot te verwoorden in de termen van de Duitse vernietigingskampen. Daarom is er in de zucht naar erkenning van slachtofferschap een inflatie gaande in het gebruik van termen als ‘genocide’ en ‘Holocaust’. Ook groepen die het slachtoffer zijn van willekeurig geweld, gewapende conflicten of schrijnend onrecht presenteren zich graag als slachtoffers van genocide of de overtreffende trap daarvan: Holocaust. Hoe treurig hun lot soms ook is, ze zijn lang niet altijd het slachtoffer van de gerichte uitroeiing van een specifieke groep.

Gretige gebruikers

De Palestijnen zijn een voorbeeld van gretige gebruikers van de terminologie van vervolging en kampen. Hun steevast als “overvol” aangeduide Gazastrook krijgt in de retoriek al gauw de kenmerken van een concentratiekamp, zo niet een vernietigingskamp. De Israëli vervullen in dit scenario de voorspelbare gastrol van kampbeul. Toch is van genocide, laat staan een “Holocaust” geen sprake. Hoogstens zien we een tragische spiraal van terreur en contraterreur. Binnen de grenzen van Israël woont een grote groep Palestijnen. Maar zij worden niet stelselmatig vervolgd. Sterker nog: ze zitten in het Israëlische parlement. In de Duitse Rijksdag daarentegen zaten na 1933 betrekkelijk weinig Joden.

Een bekend fenomeen in deze wedloop van slachtofferschap is de mythe van de ‘Zwarte Holocaust’, er is zelfs een museum aan gewijd. Ook de makers van de film ’12 Years a Slave’ zien het lot van de zwarten als een “Holocaust”. Iedereen met enig normbesef zal onmiddellijk begrijpen dat slavernij moreel verwerpelijk is. Maar het doel van de slavernij was verhoging van de productiviteit op de plantages en niet de stelselmatige vernietiging van de slaven. In de regel probeerden de slavenhouders hun slaven zo lang mogelijk in leven te houden. Niet uit christelijke naastenliefde, maar uit winstbejag en eigenbelang. Slavernij was weinig verheffend, maar het was geen genocide en zeker geen Holocaust.

‘Holocaust op ons bord’

Maar het kan nog veel erger. Echt smakeloos is het taalgebruik van fanatieke vegetariërs die ons vertellen over de “Holocaust op ons bord”. Daarmee bereiken de dierenvrienden een heel nieuw dieptepunt in de Holocaust-piraterij. Het gaat nu niet eens meer over mensen, maar over dieren. Wie mensen volledig gelijkstelt aan dieren verliest niet alleen elk decorum, maar ook elk moreel gezag. Wie het lot van de Joden gelijkstelt aan dat van een stukje smakelijk en gezond voedsel is niet helemaal lekker bij zijn hoofd. Bovendien is er van de gerichte uitroeiing van bepaalde diersoorten zoals kippen, runderen en varkens bij mijn weten absoluut geen sprake. Integendeel: het lijkt wel of er steeds meer van komen.

Kortom: het kwistige gebruik van de Holocaust-vergelijking leidt tot trivialisering van de enige industriële genocide uit de geschiedenis. Is het alleen uit gemakzucht en zelfmedelijden dat deze groepen meeliften op het Joodse leed? Of hebben deze groepen nog een tweede agenda? Willen ze soms met de uitholling van het begrip Holocaust ook het bestaansrecht van Israël uithollen? Wie weet?

Vast staat wel dat dierenbescherming en anti-vivisectie van oudsher in hoog aanzien stonden bij antisemieten.

Reageer op dit artikel:

*
To prove you're a person (not a spam script), type the security word shown in the picture. Click on the picture to hear an audio file of the word.
Click to hear an audio file of the anti-spam word

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd en niet aan derden verstrekt.

Omgangsvormen