Hoe ging het ook al weer in Korea? 

De slag om Chora

Van MiddelkoopHet openbaar ministerie ziet geen reden tot vervolging. Maar heeft het de volledige waarheid op grond van feiten aan het licht kunnen brengen?

De slag om Chora in Afghanistan tussen Nederlandse militairen en de Taliban tussen 16 en 20 juni 2007 was volgens minister van Defensie Eimert Middelkoop ”˜het grootste militaire treffen in de Nederlandse krijgsgeschiedenis sinds de Korea-oorlog’.

Bij deze slag rondom de districtshoofdstad in Uruzgan gooide het Nederlandse leger flink wat zwaar materiaal in de strijd. Zonder soms goede waarnemers werd er geschoten met gevechtshelikopters, vliegtuigen en een pantserhouwitser. Mogelijk zijn toen door deze beschietingen tientallen burgerslachtoffers gevallen.

Het OM deed onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden van de Nederlandse troepen en concludeerde dat “…binnen de grenzen van het oorlogsrecht en de voor de Nederlandse militairen geldende geweldsinstructie gebleven” is.

Dat komt overeen met de visie van de Afghaanse mensenrechtenorganisatie AIHRC en de koepel van VN-organisaties in Afghanistan Unama: “Er was een noodzakelijke operatie in een druk bevolkt gebied en de gevechten waren intensief. Daardoor lijkt het aantal slachtoffers acceptabel.”

Oorlogsverslaggever Arnold Karskens verhaalde eerder van het tegendeel en is het niet eens met deze visie van het OM. Karskens somt op zijn weblog op waarom in zijn onderzoek de zaken anders liggen:

1) Parlementslid Abdul Khalid die zitting heeft in de nationale Loya Jirga
beweerde tegenover mij verschillende keren dat bij de bombardementen op zijn
geboortedorp Qala-e-Ragh zo’n 80 onschuldige burgers om het leven kwamen.
Dit dorp dat enkele kilometers van de districthoofdstad van Chora ligt, kwam
in de nacht van 15 op 16 juni onder zwaar vuur zonder dat er Nederlandse
troepen in de buurt waren. Bombardementen in de buurt van burgerdoelen mogen alleen als er direct gevaar dreigt, dus er sprake is van zelfverdediging;

2) De toenmalige regionale commandant van de Internationale Veiligheidsmacht
Isaf generaal Dan K. McNeill noemde in zijn rapportage het zonder waarnemers
bombarderen, zoals bij de Slag om Chora heeft plaatsgevonden, ”˜in strijd met
het oorlogsrecht’.

3) Veldwerkers van de Onafhankelijke Afghaanse Mensenrechtencommissie AIHRC die na de slag onderzoek in Chora deden, spraken tegenover mij van
schendingen van de Geneefse Conventie. Ook zeiden ze dat het oorlogsgewelds buitenproportioneel was.

Korea en Indií«

Van Middelkoop beweert dat Chora het grootste militaire treffen sinds de Korea-oorlog is. De Korea-oorlog was van 1950 t/m 1953. Daarna was er in 1962 nog de Slag bij Vlakke Hoek waarbij de marine een Indonesische landing op Nieuw-Guinea verijdelde. Een Indonesische
motortorpedoboot werd tot zinken gebracht, een andere motortorpedoboot liep bij het vluchten op een rif en een derde Indonesische boot werd ook nog geraakt door vuur van het Koninklijke Marineschip Evertsen. Zo te zien een qua materiaal (bij Vlakke Hoek werd door Nederlande ook vliegtuigen ingezet) een niet geringer treffen dan dat bij Chora.

En Korea? In 1997 interviewde ik voor het veteranentijdschrift ‘De Opmaat’ kolonel buiten dienst Schreuders, in 1951 luitenant bij het 1e NDVN (Nederlands Detachement Verenigde Naties) in Korea. Hij verhaalde het voor zich uit drijven als een menselijk schild van burgers door de ”˜Chinks’ (Chinezen en Noordkoreanen).

Schreuders zei dat hij aan een sergeant via de veldtelefoon bevel gaf om op de aanvallers te schieten. De sergeant wilde dat niet omdat er burgers bij waren. Uiteindelijk schoot hij toch. De dag na de aanval lagen volgens de overlevering 18 dode burgers op het slagveld. De sergeant heeft later zelfmoord gepleegd omdat hij niet kon leven met het doodschieten van de Koreaanse burgers.

Voor Schreuders was het echter duidelijk: “Ik ben er van overtuigd dat ik destijds toch de juiste beslissing heb genomen. Een commandant moet nu eenmaal in oorlogstijd beslissingen durven nemen, ook al weet hij dat dit mensenlevens kan kosten. health partners pharmacies Soms zelfs dat van burgers.” (De
Opmaat nummer 3 april 1997)

Bij de slag om Chora vielen wellicht aan de hand van verschillende schattingen tussen de vijftig en tachtig burgerdoden. Hoewel Arnold Karskens op zijn weblog van 29 januari 2008 zegt: “Bij het lucht- en artillerie bombardement op het dorp Qala-e-Ragh in het district Chora op 16 juni kwamen zo’n tachtig burgers om.”

Dus alleen al in dit dorp tachtig burgerslachtoffers? Bij het gevecht in Korea dat Schreuders beschreef was door waarneming te zien dat de vijand burgers als menselijk schild gebruikte. Schreuders stelt dan ook dat hij geen andere keus had dan ook op de burgers te laten schieten.

Bij Chora lijkt dat anders te zijn omdat er geen directe waarneming was dat de Taliban zich altijd onder de burgers bevond. De Nederlanders zouden dan ook volgens de toenmalige Isaf-generaal Dan K. McNeill in strijd hebben gehandeld met het oorlogsrecht.

Citaat: “The ISAF Commander, US General Dan McNeill, criticised the way the Dutch used their artillery, singling out the fact that, at a given moment, no forward observers were present in the battlefield to register where the PzH 2000s’ rounds fell.” (PzH 2000 is de Nederlandse pantserhouwitser)

Dus een geheel andere situatie dan die Schreuders in Korea meemaakte. Toch is het gebrek aan waarneming waarbij desondanks zware beschietingen werden ingezet geen reden voor het OM om tot een negatieve conclusie te komen.

De Afghaanse hulporganisaties zeggen nu: “Volgens de organisaties had terugtrekking van de militairen kunnen leiden tot een bloedbad onder lokale dorpelingen, met een veel hoger aantal doden onder burgers.”

Een als/dan redenering: zonder het zware Nederlandse vuur waarbij zo veel burgerslachtoffers vielen was het uiteindelijk nog erger geworden. Waar baseren die organisaties zich op?

Reageer op dit artikel:

*

*

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd en niet aan derden verstrekt.

Omgangsvormen