Rapport in Ahold-proces plotsklaps boven water 

Deloitte en Stibbe

Advocaten moeten liegen. Beroepshalve. En accountants mogen het ook, zo blijkt.

Gelezen: DFT.nl, Telegraaf, NRC

Voor het gerechtshof in Amsterdam speelt het hoger beroep van vier ex-bestuurders van Ahold tegen het openbaar ministerie: de leden van de Raad van Bestuur Cees van der Hoeven, Michiel Meurs, Jan Andreae en oud-commissaris Roland Fahlin. Ze zijn vervolgd wegens malversaties met de boekhouding.

Een centrale rol speelt accountantsbureau Deloitte, en vooral een intern rapport over de Ahold-zaak.

Dat is er niet, zeiden Deloitte en haar advocaat Stibbe. Op 6 juni kreeg het OM een schrijven van advocate Karen Harmsen van Stibbe: noch Deloitte Nederland, noch Stibbe is in het bezit van het rapport.

Ineens was het er wel, zowel bij Deloitte Nederland als bij Stibbe. Al De vier verdachten willen het inzien, om te speuren naar fouten van Deloitte als ontlastend bewijs tegen beschuldigingen jegens hen

Nu heet het een vertrouwelijk stuk tussen de accountant en de klant. En dus is het verschoningsrecht dat geld voor personen die in hun dagelijks beroep verplicht zijn tot geheimhouding: meestal journalisten en advocaten.

Het rapport is een onderzoek van Deloitte zelf naar haar eigen handelen en geen stuk in opdracht van Ahold. Maar wel vertrouwelijk, zegt Deloitte.

“Het gedrag van Deloitte zit vol onjuistheden en leugens”, aldus advocaat Michail Wladimiroff namens ex-voorzitter Cees van der Hoeven.

Deloitte zegt steeds dat het bereid is mee te werken, maar zowel de aanklger als de advocaten ontwaren een andere houding. “Deloitte spreekt met twee tongen”, zegt Wladimiroff.

Reageer op dit artikel:

*

*

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd en niet aan derden verstrekt.

Omgangsvormen